Uw drinkwater

Digitaal loket

Facturatie en tarieven

Uw factuur

Uw tussentijdse factuur

Tarieven

Vrijstellingen en kortingen

Basisvoorwaarden

Basisverbruik

Meteropname

Mijn verbruik

Eigen waterwinners

IBA

Verhuizen

Bouwen en verbouwen

Dienstverlening

U bent hier: Home > Klanten > Facturatie en tarieven > Basisvoorwaarden

 

Algemeen waterverkoopreglement

Indien u het Algemeen Waterverkoopreglement wenst af te drukken (pdf, 117 kb)

Basisvoorwaarden voor de waterdistributie

Indien u onze basisvoorwaarden wenst af te drukken (pdf, 117 kb)

Inhoudsopgave

Hoofdstuk I: Algemeenheden
Hoofdstuk II: Aansluiting
   1. Diverse bepalingen
   2. Uitvoering
   3. Kosten
   4. Onderhoud
Hoofdstuk III: Binneninstallatie
Hoofdstuk IV: Waterlevering
   1. Aanvraag
   2. Opzeg
   3. Overname
Hoofdstuk V: Facturering
Hoofdstuk VI: Betaling
Hoofdstuk VII: Slotbepalingen

Hoofdstuk I Algemeenheden

Top

Artikel 1 – Terminologie

Titularis: elke persoon die geniet van een recht van eigendom, vruchtgebruik, opstal of van enig zakelijk recht op het op het openbaar waterdistributienetwerk aangesloten of aan te sluiten onderscheiden deel van een onroerend goed dat normaliter via een individuele watermeter kan worden bevoorraad.
Klant: elke persoon die gehouden is tot betaling van kosten inherent aan de leveringen en diensten door Pidpa. De klant kan terzelfder tijd ook titularis en/of verbruiker zijn.
Huishoudelijke klant: een klant die water afneemt hoofdzakelijk voor persoonlijk verbruik in de eigen omgeving. Water voor menselijke consumptie voor alle personen gedomicilieerd op het adres van die klant, is hierin begrepen.
Niet-huishoudelijke klant: een klant die ten minste aan één van volgende criteria beantwoordt:
- een openbare instelling zijn
- een vennootschapsvorm bezitten
- een BTW-nummer hebben
- een verbruik hebben dat duidelijk aantoonbaar niet bedoeld is voor huishoudelijke doeleinden en waar bovendien geen natuurlijke personen gedomicilieerd zijn.
Verbruiker: de persoon die beschikt over water bestemd voor menselijke aanwending.
Wooneenheid: elk onderscheiden deel van een onroerend goed dat een titularis kan hebben.
Binneninstallatie: het geheel van leidingen en apparaten stroomafwaarts van de watermeter en uitzettingsvoeg geplaatst.

Artikel 2

De aansluiting op het waterleidingnet, de waterbevoorrading en het leveren van allerlei prestaties gebeuren door Pidpa overeenkomstig de in deze tekst opgenomen basisvoorwaarden.

Ze worden aangerekend tegen de geldende bedragen.

De levering van drinkwater valt onder de bepalingen van deze basisvoorwaarden.

Levering van water met een andere kwaliteit dan die van drinkwater, alsook van diensten, kunnen het voorwerp uitmaken van bijzondere overeenkomsten.

Artikel 3

Pidpa stelt alles in het werk om een klantgerichte en doelmatige waterbevoorrading te verzekeren. Pidpa kan niet aansprakelijk gesteld worden voor drukschommelingen, onderbrekingen in de levering, verontreinigingen, wijzigingen in de samenstelling van het water, vorst, noch voor alle rechtstreekse en onrechtstreekse schade tengevolge van het voorhanden zijn van waterleidingen of apparatuur binnen of buiten het pand, tenzij ingeval van aantoonbare fout in verband met de geleden schade, begaan door Pidpa of haar aangestelden.

Artikel 4

In het belang van een efficiënte waterbevoorrading deelt de titularis, klant of verbruiker van een aangekoppeld onroerend goed Pidpa onmiddellijk alle feiten mee die zouden kunnen wijzen op of verband houden met stoornissen in de leidingen of in de apparatuur binnen en buiten het onroerend goed.

De klant wordt aansprakelijk gesteld voor iedere door hem veroorzaakte waterverontreiniging vanuit zijn binneninstallatie. Dit kan gebeurlijk schorsing van de waterlevering tot gevolg hebben.

Artikel 5

Pidpa biedt een continue dienstverlening. Ze mag te allen tijde opgeroepen worden om de aansluiting en/of de erbij horende apparatuur na te zien. Pidpa zal hieraan gevolg geven binnen een redelijke termijn. Indien deze evenwel in orde worden bevonden, dan worden vanzelfsprekend de veroorzaakte kosten aangerekend, tenzij de klant te goeder trouw was en objectieve redenen had om aan te nemen dat de aansluiting en/of bijhorende apparatuur gebreken vertoonde.

Artikel 6

De klant erkent als zijnde regelmatig betekend, de op het adres van het aangekoppeld onroerend goed toegestuurde of bestelde mededelingen en, wat de facturen en de ermee verband houdende mededelingen betreft, deze toegestuurd of besteld op het door hem opgegeven adres. De titularis van het aangekoppeld of aan te koppelen onroerend goed erkent als zijnde regelmatig betekend de op het door hem opgegeven adres toegestuurde of bestelde mededelingen en facturen.

Artikel 7

De titularis van een aangekoppeld onroerend goed dient elke rechtsovergang ervan aan Pidpa mee te delen. Zolang deze mededeling niet is gedaan, blijft hij aansprakelijk voor de verplichtingen die op grond van deze basisvoorwaarden op hem wegen.

Om van een correcte dienstverlening te kunnen genieten, is de klant ertoe gehouden elke wijziging van zijn klantgegevens onmiddellijk aan Pidpa te melden.

Artikel 8

Enkel personeelsleden en aangestelden van Pidpa mogen de aan watermeters en kranen gehechte verzegeling verbreken. De titularis en de klant zijn ertoe gehouden Pidpa onmiddellijk elke verbreking van de verzegeling te melden. Ze zijn hoofdelijk aansprakelijk voor alle kosten die hiermee verband houden.

Artikel 9

Wanneer een personeelslid of een aangestelde van Pidpa zich in een aangekoppeld onroerend goed voor dienstverrichtingen aanbiedt en hem daarbij de toegang wordt geweigerd of hij kan deze niet bekomen, dan kan Pidpa o.a. wegens veiligheidsredenen de aansluiting verbreken en de waterlevering schorsen, op kosten van degene die haar optreden verhindert.

Artikel 10

Pidpa kan voor alle werkzaamheden een beroep doen op door haar aangestelde derden.

In die gevallen is de schade veroorzaakt bij uitvoering van die werkzaamheden rechtstreeks te verhalen op de veroorzaker ervan. Wanneer personeelsleden en aangestelden van Pidpa zich aanbieden, zijn zij ertoe gehouden hun legitimatiebewijs of aanstellingsbewijs op verzoek te tonen.

 

Hoofdstuk II Aansluiting

Top

1. Diverse bepalingen

Artikel 11

Behoudens uitdrukkelijke herroeping acht Pidpa het bewezen dat de aanvrager van een aansluiting of wijziging eraan het akkoord van de titularis ervoor heeft bekomen.

Artikel 12

De aanvrager of zijn gevolmachtigde zal alle informatie aan Pidpa bezorgen opdat zij een aansluiting of een wijziging aan de aansluiting zou kunnen uitvoeren.

Artikel 13

In principe kan ieder onroerend goed slechts één aansluiting bekomen.

Wanneer meer aansluitingen gewenst zijn, bepaalt Pidpa in overleg met de aanvrager hun aantal en de erbij horende voorwaarden.

Artikel 14

Het is verboden een aansluiting op het waterleidingnet van een onroerend goed te verbinden of te laten verbinden met een ander onroerend goed, behoudens uitdrukkelijk akkoord van Pidpa.

Artikel 15

De aansluiting blijft eigendom van Pidpa.

2. Uitvoering

Top

Artikel 16

Pidpa bepaalt - in de mate van het mogelijke rekening houdend met de wensen van de aanvrager of zijn gevolmachtigde - de aard, het type, de afmetingen en de plaats van de op de hoofdleiding te koppelen buis, van de stopkraan binnenshuis, van de watermeter, enz.

Artikel 17

De aansluiting wordt haaks op de hoofdleiding in een rechtlijnig tracé en zo kort mogelijk aangelegd. Dit tracé dient vrij te zijn en te blijven van alle hindernissen tenzij de aansluiting werd uitgevoerd in een schede. Brandstoftanks en hun leidingen dienen voldoende ver van dit tracé verwijderd te zijn om verontreiniging van het drinkwater te vermijden.

Artikel 18

De watermeter wordt zo dicht mogelijk bij het punt waar de aansluiting het gebouw binnendringt geplaatst.

Pidpa oordeelt over de geschiktheid van de plaats met het oog op het plaatsen van de watermeter.

De aansluiting geschiedt ofwel:

- In een voorkelder.

- In een achterkelder:

bereikbaar langs een vrije strook grond die onafscheidbaar deel uitmaakt van het aan te koppelen pand, mits zij van daar uit rechtstreeks in de achterkelder uitmondt.

door middel van een schede onder of door de voor- of zijgevel. De schede dient uit te monden onder de buitenkant van de voor- of zijgevel op 0,80 m onder de grond; zij dient uit één stuk te zijn, een minimale diameter te hebben van 71 mm, zo nodig voorzien van een waterdichte koppeling, volledig in één rechte lijn te liggen en over de hele lengte voldoende dekking te hebben.

- In een gelijkvloersput die door de titularis binnenshuis onder de vloer op zijn kosten en op zijn aansprakelijkheid wordt gebouwd.

De binnenafmetingen dienen, in plan gemeten, ten minste 0,80 m x 0,60 m te bedragen, met een vrije diepte van 0,50 m gemeten tussen de vloer en de pas van het gelijkvloers. De gelijkvloersput dient waterdicht te zijn en tegen vorst beschermd. De titularis dient op zijn kosten en op zijn aansprakelijkheid een schede met bocht en met een gladde binnenwand te plaatsen met een minimale diameter van 100 mm. De schede dient op 0,80 m onder de grond buiten de woning te vertrekken terwijl de bocht met een straal van ten minste 0,40 m in de vloer van de put dient uit te monden in een hoek ervan op 0,15 m uit de zijwanden. De bovenkant van de put dient over de hele oppervlakte open te zijn en dient afgesloten te worden met een deksel dat steeds bereikbaar is en gemakkelijk kan verwijderd worden. Het deksel mag niet meer dan 35 kg wegen. Deze schikking is enkel toegelaten bij een aansluiting diameter 32 mm.

- In een meterkamer buitenshuis.

Deze wijze van aansluiting wordt uitsluitend toegepast en is verplicht wanneer de afstand tussen de grens van de openbare weg en het voorste gedeelte van het gebouw meer dan 75 m bedraagt. Zij kan insgelijks door Pidpa in bijzondere omstandigheden worden toegestaan of opgelegd o.m. in het geval zij onvoldoende wijze toezicht kan uitoefenen op het tracé van de aansluiting. De titularis dient te zorgen op zijn kosten en op zijn aansprakelijkheid voor het bouwen van een meterkamer op eigen grond, ter hoogte van zijn woning en zo dicht mogelijk bij de openbare weg. De aansluiting eindigt in deze kamer. De meterkamer dient waterdicht te zijn en tegen vorst beschermd. De dekplaat en het deksel van het mangat dienen tegen mogelijke vrachten bestand te zijn. Het mangat dient te minste 0,60 x 0,60 m vrije opening te hebben en zo dicht mogelijk tegen een zijwand van de kamer gelegen te zijn. Aan deze zijwand dienen om de 0,30 m treden voorzien te worden door middel van afzonderlijke ingemetselde treden of van een aan de zijwand bevestigde ladder. Het deksel mag niet meer dan 35 kg wegen en dient steeds vrij te blijven. Wanneer mogelijk dient de meterkamer geventileerd te worden. De vrije diepte van de meterkamer dient ten minste 1,20 m te bedragen; de breedte van de meterkamer, haaks op de as van de aansluitingsbuis, ten minste 1,00 m; de lengte hangt af van de te plaatsen watermeter en kraan; in geval van aansluiting diameter 32 of 50 mm volstaat 1,00 m, voor grotere aansluitingen kan Pidpa een ruimere afmeting opleggen.

- Bovengronds.

De titularis dient op zijn kosten en op zijn aansprakelijkheid een schede met bocht en met een gladde binnenwand te plaatsen met een minimale diameter van 100 mm. De schede dient op 0,80 m onder de grond buiten de woning te vertrekken terwijl de bocht met een straal van ten minste 0,40 m (voor een aansluiting diameter 32 mm) of 0,70 m (voor een aansluiting diameter 50 mm) op 0,30 m boven de vloer moet eindigen. Op de muur daarboven dient een ruimte van minimum 0,60 op 0,80 m vrij gehouden te worden voor de plaatsing van de watermeter.
Ook een vijfvoudige aansluitbocht voor de doorvoer van verschillende nutsleidingen mag gebruikt worden voor aansluiting diameter 32 mm.

Artikel 19

Het is verboden in de gelijkvloersput, in de schede of in de meterkamer buizen, kabels of toestellen aan te brengen andere dan deze die dienstig zijn voor de aansluiting en voor de binnenleidingen.

Artikel 20

De openingen in het metselwerk of het beton dienen gemaakt en gedicht te worden door de zorgen van de aanvrager of zijn gevolmachtigde. Hij kan evenwel Pidpa verzoeken deze werken uit te voeren op zijn kosten; zij draagt op het stuk geen aansprakelijkheid.

3. Kosten

Top

Artikel 21

Pidpa rekent voor de aanleg van een aansluiting voor doorsnee huishoudelijk verbruik een vaste som aan die de kosten van aanleg van maximum 5 m lengte leiding in de openbare weg, zoals in art. 22 bepaald, bevat. De kosten voor de aanleg van de leiding in de openbare weg die de lengte van 5 m overtreft, komen in meerdering van de vaste som. De kosten voor de aanleg van het gedeelte van de aansluiting dat zich op privé-eigendom bevindt, zijn ten laste van de aanvrager. Zij worden, behoudens de vergoeding voor prestaties wegens bijzondere uitvoeringswijzen en hindernissen, per strekkende meter aangerekend.

Artikel 22

In geval van aansluiting voor doorsnee huishoudelijk verbruik wordt de lengte van de leiding in de openbare weg als volgt bepaald:
- Wanneer een enkele hoofdleiding voorhanden is met aansluitingsmogelijkheid langs beide zijden van de openbare weg, wordt het gedeelte van de aansluiting in de openbare weg gemeten alsof de hoofdleiding in het midden ervan ligt;
- Wanneer een enkele hoofdleiding voorhanden is met aansluitingsmogelijkheid langs één zijde van de openbare weg, wordt het gedeelte van de aansluiting in de openbare weg gemeten vanaf de hoofdleiding;
- Wanneer een dubbele hoofdleiding voorhanden is, wordt het gedeelte van de aansluiting in de openbare weg gemeten vanaf de hoofdleiding.

Artikel 23

Pidpa rekent voor de aanleg van een aansluiting met diameter groter dan 50 mm, naast de kosten van het verbindingsstuk op de hoofdleiding, de kosten aan van de volledige lengte van de aansluiting en van alle geplaatste hulpstukken en apparatuur, alsook de werkuren. De kosten voor het herstellen van de straatbedekking zijn ten laste van de aanvrager.

Artikel 24

Een wijziging is ten laste van de titularis. Op vraag van de klant, mits akkoord van de titularis, kan een bestaande aansluiting steeds gewijzigd worden, dit in samenspraak met Pidpa of na goedkeuring door Pidpa. Een wijziging kan in bepaalde gevallen ook opgelegd worden door Pidpa. Indien een wijziging opgelegd werd door Pidpa, is ze ten laste van de titularis.

4. Onderhoud

Top

Artikel 25

Alleen Pidpa of haar aangestelden zijn gerechtigd werken uit te voeren aan haar leidingen of apparatuur.

Pidpa staat in voor het onderhoud van de aansluiting.

Bij beschadiging van de aansluiting op privé-terrein door anderen dan door Pidpa of haar aangestelden worden de kosten van de herstelling hoofdelijk ten laste gelegd van de titularis en van de klant.

Pidpa is niet aansprakelijk voor welke schadelijke gevolgen ook die voor de titularis, de klant of derden uit deze beschadiging voortspruiten.

De klant of, desgevallend de titularis, is ertoe gehouden de plaats waarin de watermeter zich bevindt in zindelijke staat te houden en ervoor zorg te dragen dat alle dienstverrichtingen steeds mogelijk zijn. Hij is aansprakelijk voor de schadelijke gevolgen van zijn in gebreke blijven en voor degene die het resulteren uit overmacht, vorst inbegrepen.

Artikel 26

Pidpa is ertoe gerechtigd de aansluiting geheel of gedeeltelijk op haar kosten buiten dienst te stellen wanneer deze gedurende tien jaar niet gediend heeft voor waterbevoorrading.

Zij is bovendien gerechtigd tot deze buitendienststelling over te gaan wanneer zij in een niet bevoorraad pand de aangebrachte aansluitingsapparatuur onvoldoende veilig acht.

In beide gevallen wordt aan de titularis de voorgenomen buitendienststelling vooraf schriftelijk medegedeeld.

Hoofdstuk III Binneninstallatie

Top

Artikel 27

De titularis staat in voor de aanleg, het onderhoud, de herstelling en de vervanging van de binneninstallaties.

Artikel 28

Pidpa is ertoe gerechtigd toezicht uit te oefenen op de naleving van de verplichtingen omtrent de binneninstallaties, zoals in deze basisvoorwaarden bepaald; zij kan te allen tijde de door haar noodzakelijk geachte herstellingen of wijzigingen opleggen.

Pidpa is niet aansprakelijk voor de binneninstallaties, voor de door haar opgelegde herstellingen of wijzigingen, noch voor de schadelijke gevolgen die voortspruiten uit het niet beantwoorden aan de voorschriften, zelfs wanneer water geleverd wordt of wanneer de binneninstallaties in overeenstemming met deze basisvoorwaarden werden bevonden.

Artikel 29

Pidpa kan, wanneer de voorschriften op het stuk van de binneninstallaties met het oog op de veiligheid niet worden nageleefd, zonder voorafgaande verwittiging de waterbevoorrading schorsen of de aansluiting verbreken op kosten van degene die in gebreke is gebleven.

Artikel 30

Bij de aansluitingen met een diameter 50 mm of minder dient de binnenleiding voor de eerste aftakking of het eerste aftappunt uitgerust te worden met een keerklep van een door de Belgische Federatie voor de watersector (v.z.w. BELGAQUA) aanvaarde type EA ( ). De leiding tussen de watermeter en de keerklep moet volledig zichtbaar zijn. Zowel voor als achter de keerklep dient een leegloopkraantje te staan. Voor grotere diameters wordt de wijze van uitvoering bepaald in overleg tussen Pidpa en de aanvrager.

Artikel 31

In het belang van de verbruikers mag de kwaliteit van het leidingwater geen nadelige wijziging ondergaan in de binneninstallatie, m.a.w. tussen leveringspunt en tappunt.

Elke binneninstallatie wordt aan een aantal minimumeisen onderworpen, vervat in de technische voorschriften betreffende de binneninstallaties van BELGAQUA en in het technisch reglement voor water bestemd voor menselijke aanwending, van de Samenwerking Vlaams Water (v.z.w. SVW), voor dit laatste vanaf de inwerkingtreding ervan. De recentste uitgaven zijn van toepassing. ( )

Hoofdstuk IV Waterlevering

Top

1. Aanvraag

Artikel 32

Elke nieuwe klant dient zijn klantgegevens te laten registreren bij Pidpa.

Wanneer afzonderlijke binnenleidingen per wooneenheid voorhanden zijn, dient voor iedere wooneenheid een afzonderlijke aanvraag om waterlevering ingediend te worden.

Wanneer klantgegevens wijzigen, dient Pidpa hiervan onmiddellijk in kennis te worden gesteld, bij gebreke waarvan deze wijzigingen haar niet tegenstelbaar zijn.

De waterlevering en de daarmee gepaard gaande verplichtingen gaan in vanaf: - hetzij de datum van het plaatsen van een watermeter; - hetzij de datum van opname van de eindmeterstand van de opzeggende klant; deze meterstand geldt als beginmeterstand voor de opvolgende klant wanneer de watermeter ter plaatse bleef.

Artikel 33

Pidpa kent aan alle klanten een bepaald verbruiksjaar toe, ongeacht de aard en de duurtijd van het verbruik. Dat verbruiksjaar kan verschillen van het kalenderjaar. Het dient als basis voor de facturering van de waterlevering.

2. Opzeg

Top

Artikel 34

De waterlevering wordt voortgezet tot wanneer zij door de klant wordt opgezegd, dit volgens door Pidpa bepaalde modaliteiten.

Bij opzeg maakt Pidpa steeds een eindafrekening. Deze eindafrekening geldt als bewijs van opzeg. De vertrekkende klant dient er zich van te vergewissen dat hij een eindafrekening heeft ontvangen binnen de maand na zijn opzeg.

Bij gebrek aan opzeg door de vertrekkende klant of wanneer geen toegang kan worden bekomen tot het eigendom dat verlaten wordt en niet meer moet worden bevoorraad op naam van de vertrekkende klant, blijft de klant, zelfs na zijn vertrek, aansprakelijk voor alle verplichtingen die op grond van deze basisvoorwaarden op hem wegen.

3. Overname

Top

Artikel 35

Wanneer er geen onmiddellijke overname van de waterlevering is door een opvolgende klant, dient de opzeggende klant Pidpa tijdens de diensturen toegang tot het aangekoppeld onroerend goed te verschaffen om de stand van de watermeter af te lezen en deze weg te nemen.

Wanneer er wel een onmiddellijke overname van de waterbevoorrading is door een opvolgende klant, gebeurt een tegensprekelijke overname. Daarbij komt niemand van Pidpa ter plaatse.

Een tegensprekelijke opname

- vermeldt tenminste:
  - de meterstand,
  - de datum van meteropname,
  - het verzendingsadres van de opzeggende klant,
  - de klantgegevens van de opvolgende klant,
- is voorzien van:
  - de handtekening van de opzeggende klant, en
  - de handtekening van de opvolgende klant.

De opzeggende klant wordt ten zeerste aangeraden ervoor te waken dat het document van tegensprekelijke overname inderdaad tijdig bij Pidpa terechtkomt, omdat hij anders zelf voor alle betalingsverplichtingen blijft instaan en voor alle aansprakelijkheden verder kan worden aangesproken.

Artikel 36

Wanneer bij Pidpa geen nieuw adres van de opzeggende klant bekend is binnen de drie maanden na zijn opzeg, dan is Pidpa hem geen terugbetaling meer verschuldigd indien hem nog bedragen toekomen.

Hoofdstuk V Facturering

Top

Artikel 37

Per verbruiksjaar rekent Pidpa het waterverbruik aan, samen met de kosten die er verband mee houden.

Pidpa is gerechtigd voorschotten aan te rekenen en tussentijdse facturen op te stellen.

Artikel 38

De klant wordt verzocht op door Pidpa bepaalde tijdstippen de stand van de watermeter te melden.

Pidpa is ertoe gerechtigd om op het even welk ogenblik de aanwijzingen van de watermeter af te lezen. Tussen 20 u en 08 u kan dit met akkoord van de klant.

Artikel 39

De keuze tussen huishoudelijk en niet-huishoudelijk verbruik wordt bepaald door het doel of de bestemming van het afgenomen water, overeenkomstig de begrippen bepaald in art. 1.

In een gemengde situatie waarin een klant water verbruikt voor huishoudelijke en niet-huishoudelijke doeleinden, dient een gescheiden bemetering te worden gerealiseerd.

Indien gescheiden bemetering niet mogelijk is, heeft de klant de keuze de aard van zijn verbruik als niet-huishoudelijk te beschouwen indien aan de criteria voldaan is van artikel 1.

Artikel 40

De klant wordt geacht met de factuur in te stemmen, tenzij hij binnen de maand volgend op de factuurdatum schriftelijk Pidpa zijn bezwaar meedeelt.

Artikel 41

De aanwijzingen van de watermeter zijn bindend.

Ingeval van betwistingen hieromtrent kan een nazicht van de watermeter worden gevraagd. Dit zal gebeuren op kosten van de ongelijk hebbende partij.

In het licht van de resultaten van het nazicht van de watermeter kan de betwiste verbruiksfacturering worden herzien. Er zal echter geen verrekening gebeuren indien het rekenkundig gemiddelde van de gemeten procentuele afwijkingen van de onderzochte watermeter minder dan 5% afwijkt van de controlewaarden.

Wanneer een watermeter ophoudt het waterverbruik juist aan te wijzen of wanneer hij om technische redenen niet meer kan worden getest, dan wordt de verbruikte hoeveelheid op basis van het vorige genoteerde verbruik berekend. Er kan evenwel rekening worden gehouden met het door de nieuwe watermeter aangewezen verbruik.

Artikel 42

De diameter van de watermeter voor doorsnee huishoudelijk verbruik bedraagt maximaal 20 mm.

De klant die over een watermeter met grotere diameter wenst te beschikken, dient de aan deze grotere diameter gekoppelde vergoeding te betalen.

Als blijkt dat de hoeveelheid afgenomen water de mogelijkheden van de geplaatste watermeter overtreft, dan kan dit aanleiding geven tot het plaatsen van een grotere watermeter, met daaraan verbonden kosten, ten laste van de klant.

Artikel 43

Voor huishoudelijk verbruik gebeurt de aanrekening van de waterbevoorrading mede op basis van het aantal wooneenheden.

Voor een gebouw met meer wooneenheden, waar geen afzonderlijke binnenleidingen voorhanden zijn, wordt het tarief voor huishoudelijk verbruik toegepast alsof het afzonderlijke wooneenheden zijn.

Hoofdstuk VI Betaling

Top

Artikel 44

De facturen zijn betaalbaar binnen de veertien dagen, op de bankrekening die erop is vermeld.

Artikel 45

Bij niet-betaling binnen de in art. 44 bepaalde termijn kan de klant in kwestie gehouden worden tot betaling van verwijlintresten te rekenen vanaf de vervaldag, benevens inningskosten, verplaatsingskosten en gebeurlijke gerechtskosten.

Bij uitblijven van betaling kan Pidpa binnen de wettelijke regelingen de waterlevering schorsen of de toevoer onderbreken. De waterbevoorrading wordt ten voordele van diezelfde klant slechts hernomen, nadat alle door hem verschuldigde bedragen, inbegrepen de kosten voor het opnieuw in gebruik stellen van de aansluiting, zijn betaald en nadat de noodzakelijke formaliteiten zijn vervuld.

Artikel 46 Iedere ongeoorloofde afname van water, al dan niet gepaard gaande met verbreking van de verzegeling, geeft aanleiding, benevens de schorsing van de waterbevoorrading, tot aanrekening van een vergoeding en alle door dit feit veroorzaakte kosten.

Hoofdstuk VII Slotbepalingen

Top

Artikel 47

Deze basisvoorwaarden zijn vatbaar voor wijziging, volgens modaliteiten vermeld in art. 48.

Artikel 48

Deze basisvoorwaarden worden door aanplakking gedurende de termijn van een maand bekend gemaakt op de gemeentehuizen van de door Pidpa bevoorrade gemeenten. Ze liggen ter inzage bij Pidpa en op bedoelde gemeentehuizen. De tekst ervan wordt op verzoek van elke belanghebbende kosteloos verstrekt.

Deze basisvoorwaarden hebben uitwerking na verloop van de in lid 1 bepaalde termijn.

De tekst van het reglement, zoals goedgekeurd door de raad van beheer van 23 oktober 1978 wordt opgeheven en vervangen door onderhavige tekst.

Vastgesteld door de raad van bestuur, te Antwerpen, op 22 september 2003.

G. KERREMANS                         E. HUYGHE secretaris voorzitter

(1) Lijst opvraagbaar bij Pidpa.
(2) Opvraagbaar bij Pidpa

© Pidpa  |  Contacteer ons  |  Wettelijke vermeldingen  |   Privacybeleid  |    webmaster@pidpa.be  |   Sitemap