U bent hier: Home > Lexicon
Lexicon
32 mm PVC sifon:
geurafsluiter in polyvinylchloride van 32 milimeter diameter
- Voorwerp waarmee men een leiding kan openen of afsluiten.
- klein, ondiep, stilstaand water waarin kikkers, padden en salamanders zich kunnen voortplanten.
- Niet-levend, niet tot het dieren – of plantenrijk behorend.
Anorganische vlokmiddelen/organische hulpvlokmiddelen:
stoffen die men aan vervuild water toevoegt om de onzuiverheden tot grotere vlokken om te vormen die makkelijker kunnen verwijderd worden.
- Vervuiling van de dampkring.
is verontreiniging van het water door bacteriën. Dit zijn microscopische, eencellige organismen die zich snel kunnen vermenigvuldigen en rotting en gisting veroorzaken.
Het volume water dat door een doorlatende laag opgenomen of afgegeven kan worden per oppervlakte-eenheid en per verandering van stijghoogte.
Stof die gebruikt wordt om de bodem kwalitatief beter te maken.
Op drassige grond groeiend bos
is verontreiniging van het water door scheikundige stoffen zoals nitraten.
persoon die namens de aandeelhouders belast is met het controleren van de rekeningen van een onderneming.
onregelmatige massa van secundair gevormde mineralen in een gesteente, in dit geval een soort bruinkool.
Tot het vasteland behorend
- Reliëfvorm die uit een langgerekte asymmetrische heuvelrug bestaat, met aan de ene kant een steile helling met een hol profiel en aan de andere kant een licht afhellend plateau.
- het aantal m³ water dat op een bepaalde punt per tijdseenheid passeert.
- Ontsmetting, bacteriologische zuivering. Desinfectie van water gebeurt door een toevoeging van een weinig natriumhypochloriet (NaClO) of via ultraviolet-stralen.
- Niet-evenwijdig gelaagd.
Een erosie-oppervlak of een sedimentatie- onderbreking die jongere lagen van oudere scheidt. - Pidpa heeft een netwerk van bijna 12.000 km voor de toevoer van het drinkwater. Het bestaat uit leidingen, vertakkingen en afsluiters die vanaf de watertorens, toevoerleidingen, reservoirs en opjaagstations, vertrekken in de richting van de verbruikers.
- Pomp die onder het wateroppervlak werkt.
- Gezuiverd afval- of rioolwater dat op het oppervlaktewater wordt geloosd.
- Het algemeen proces of de groep van processen waarbij materiaal van de aardkorst losgemaakt of opgelost wordt en gelijktijdig via de natuurlijke weg wordt verplaatst. Erosie omvat verwering, corosie en transport door water of wind.
- het uitzicht, het voorkomen en de kenmerken van een gesteentepakket die gewoonlijk een aanwijzing zijn van de omstandigheden van afzetting die overeenkomen met een bepaalde omgeving of vormingsoorsprong.
- de tijd tussen twee spoelingen van het membraan.
- element van een decantor waar, door het toevoegen van vlokmiddelen, de allerkleinste mechanische deeltjes uit het water verwijderd worden.
- Afzetting afkomstig van rivieren en lagunes.
Flux:
de flux is een maateenheid; het is hoeveelheid water ( het debiet) dat doorheen het membraan vloeit per m2 membraanoppervlakte.
- een groep van eencellige, wortelpotige diertjes die een kalkschaal vormen.
- een laag of een groep van aardlagen of gesteenten die tot een zelfde tijdperk van vorming behoren of onder gelijke omstandigheden ontstaan zijn.
- chemische reactie onder invloed van het licht.
Freatische laag:
Een watervoerende laag gekenmerkt door een vrije watertafel; de druk van het grondwater is gelijk aan die van de buitenlucht. Het is een watervoerende laag die zich rechtstreeks onder het topografisch oppervlak bevindt.
- Natuurkundige aspecten van de scheikunde
- Verstoring van het sediment veroorzaakt door activiteit van organismen (kruipsporen, graafgangen,...)
- betreft de kennis van de aardvorming
- koudere fase binnen een ijstijd
- Warmere fase tussen twee glacialen
synoniem: tussenijstijd
- Groen mineraal, waterhoudend ijzersilicaat met 4 tot 10 % kalium.
- is water dat in de ondergrond is doorgedrongen. Het wordt gewonnen uit diepe geboorde putten. Op een bepaalde plaats heeft grondwater uit diepe lagen bijna steeds dezelfde samenstelling. Het is vrij van chemische en bacteriologische vervuiling en is van een uitmuntende kwaliteit. Dat is minder het geval met ondiep grondwater omdat de kans bestaat dat er scheikundige stoffen of bacteriën in doordringen.
- verordening van overheidswege die reglementen i.v.m. het grondwaterbeheer regelt.
- verzamelnaam voor water dat uit de hemel valt zoals regen, sneeuw en hagel.
- betreffende de wetenschap van het ondergrondse water, met name van de stand en de stromingen van het grondwater, en van de samenstelling van het water van minerale bronnen.
- toetsen aan de gestelde eisen, ze indien nodig en mogelijk daaraan doen beantwoorden en ten bewijze daarvan er een merkteken op zetten.
- de eigenschap van lichamen om te volharden in de toestand van rust of beweging waarin zij zich bevinden (synoniem: traagheid)
- Onderschepping, opvanging
- water voor kunstmatige bevloeiing of bewatering van een terrein
- kaart met lijnen die punten van gelijke hoogte boven het zeeniveau verbindt (isohypse = hoogtelijn)
- Datgene wat een zeker proces of verloop bevordert
- Een methode van bescherming tegen elektrochemische corrosie van metalen.
- Ook wel terugslagklep genaamd. Deze klep zorgt er voor dat vloeistoffen slechts in één richting kunnen vloeien.
- Koelwater is water dat wordt aangewend om binnen het proces warmte af te voeren en is hoogstwaarschijnlijk de meest courante toepassing van watergebruik binnen de industrie (vb. in warmtewisselaars, persen, chemische reactoren, ...). Dit kan gebeuren via open, semi-gesloten of gesloten systemen en via direct of indirect contact.
Kwel:
uittreden van grondwater.
- Een vaste bruin-zwarte koolwaterstofhoudende afzetting bestaande uit plantenmateriaal met een inkolingsgraad tussen die van veen en van subbitumineuse steenkool. Ligniet bevat nog 25 tot 75% water en bezit een calorische waarde tussen 1800 en 4800 kCal per kg.
- Bruine ijzeroxides die gevormd worden bij de verwering van ijzerhoudende mineralen maar ook als biogene neerslag in moerassen, meren, rond bronnen en in de zee.
- Lithologie: wetenschap die zich bezighoudt met de beschrijving en het ontstaan van de sedimentaire gesteenten.
- Stratigrafie: deelwetenschap van de geologie die de gesteenten in hun opeenvolging en samenhang bestudeert.
- Lithologie en stratigrafie zijn wetenschappen die zich bezighouden met het bestuderen van gesteenten.
- verordening van overheidswege die reglementen i.v.m. mestproductie en –overschotten oplegt.
- Put waarin zich de watermeter bevindt.
Mica:
Glasachtige mineraal met metaalachtige glans, dat zich gemakkelijk laat splijten en tegen hoge temperatuur bestand is.
- een bepaald soort weekdier
- Oplossing van natriumhydroxide in water. (NaOH)
- (scheikundige formule NO3-) is een chemische verbinding, namelijk een zout afgeleid van salpeterzout (HNO3). Nitraten worden in de landbouw toegepast als meststof en zijn goed oplosbaar in water. De maximaal toegelaten concentratie in drinkbaar water bedraagt 50 mg/l (uitgedrukt in NO3-).
- (scheikundige formule NO2-) is een chemische verbinding, namelijk een zout afgeleid van salpeterig zuur (HNO2). Het komt in water voor als gevolg van bacteriële oxidatie van ammonium; dit tussenproduct van de oxidatie van ammonium wordt snel verder geoxideerd tot nitraat. De maximaal toegelaten concentratie in drinkwater bedraagt 0,1 mg/l (uitgedrukt in NO2-).
- vind je in rivieren, kanalen, beken, meren, spaarbekkens en stuwmeren. In oppervlaktewater zit altijd opgeloste zuurstof, maar de samenstelling van dat water verandert voortdurend. Het is vervuild door slib en algen, door organische stoffen die reuk- en smaakproblemen geven en door bacteriën.
- koolstof bevattend: organische stof, stof waaruit de planten en dieren samengesteld zijn of die door deze wordt voortgebracht.
- Het zich verbinden met zuurstof.
- Variabele, Element uit een onderzoek/test
Onderzochte eenheid uit een proces.
- In tegenstelling tot vroeger zijn de moderne waterdistributieleidingen gemaakt uit een soort plastic, poly-ethyleen of PE genaamd.
- Een boring waarin men de stijghoogte van het grondwater uit een bepaalde watervoerende laag kan meten.
- Het laten doorsijpelen.
- zijn middelen die, vooral in de landbouw, gebruikt worden om organismen die schadelijk zijn voor cultuurgewassen te bestrijden of om onkruid te verdelgen.
pH:
Zuurtegraad van een oplossing schommelt tussen 1 en 14. In neutraal water is de pH-waarde of zuurtegraad gelijk aan 7. Is de pH-waarde van een oplossing begrepen tussen 7 en 14 dan is de oplossing basisch. Is de pH-waarde begrepen tussen 1 en 7 dan is de oplossing zuur.
- Via deze bocht wordt de waterleiding door de muur in de woning binnengebracht. De bocht heeft een diameter van 110 mm en een straal van 40 cm.
- Afsteken van zoden
- lagen die onder druk van water vervormbaar zijn.
- water dat wordt aangewend als basisgrondstof (vb. brouwerijen), als essentieel reagens (chemische processen), als oplosmiddel (vb. elektrolytische baden) of als transportmiddel in industriële processen.
- Toestel waarin een fysische of chemische reactie plaatsvindt.
- stof die dient om scheikundige processen op gang te brengen.
- De terugtrekking van de zee ten opzichte van het land en de veranderingen die hieruit voortvloeien.
- De bebouwingslijn waarachter men moet blijven bij het bouwen.
Het handboek 'Ruimtelijke Ordening in Vlaanderen' omschrijft de rooilijn als de grenslijn van het openbaar domein en het private domein.
- Onbehandeld water. Dit kan zowel grondwater als rivier, kanaal- of oppervlaktewater zijn.
- Bezinksel , neerslag, afzetting uit een vloeistof.
afzettingsgesteente
- Een sferische concretie bestaande uit carbonaten en gekenmerkt door interne, radiale barsten die naar het centrum toe verbreden. De wanden van de onregelmatige blokken die hierdoor onstaan, zijn vaak bezet met mineralen.
- Kleine rolstenen uit vuursteen.
- Sedimenten worden hoofdzakelijk ingedeeld naar de grootte van de korrels. De korrelgrootte kan variëren van decimeters tot microns. Silt is de benaming voor korrels ter grootte van 2 tot 50 micron.
- druk die een gas of een damp, door zijn neiging zich te verspreiden, op de wand van een vat of een andere weerstand uitoefent.
Spuiwater/Spoelwater:
Afvalwater dat het overtollige ijzer door de vorming van bezinkbare vlokken langs een afsluitbare waterkering afvoert.
- ophoping van onverteerde organische afval op de bosbodem verzameld
- Dit is een compressor die een groot luchtdebiet levert onder relatief lage druk.
- De spreiding van de zee over het land en de gevolgen ervan. Sedimentaire afzetting vanuit zee.
- kleine keitjes die door het voortschrijden van een sedimentaire afzetting over oude gesteenten in grote menigte in diluviale gronden en op de bodem der rivieren worden aangetroffen
- is het totale gebied dat door een maatschappij bediend wordt. Voor Pidpa is dit de hele provincie Antwerpen met uitzondering van de stad Antwerpen en de gemeentes Boechout, Edegem, Hove, Kontich en Mortsel. In dit gebied van 2.581 km² bedient Pidpa 1.116.250 mensen.
- Men spreekt van verzuring als de luchtcirculatie in de grond verstoord is
- Vlaamse reglementering betreffende milieuvergunningen
- Drijflichaam dat aan de oppervlakte van een vloeistof in evenwicht wordt gehouden om het vloeistofniveau aan te wijzen of te regelen.
(o.a. in stoomketels, in allerlei reservoirs, in een watertoren)
Voedingswater voor stoom of heetwaterketels:
Hieronder wordt water verstaan dat wordt verwarmd of omgezet in stoom. Het warme water of de gevormde stoom gebruikt men vervolgens voor thermische of krachtdoeleinden.- is een heester uit de rozenfamilie, een soort van wilde kriek.
- Deze buis wordt gelegd van de rooilijn tot aan het aan te koppelen pand en dient als bescherming voor de waterleiding. De buis ligt op een diepte van 80 cm en heeft een diameter van 110 mm.
- benaming voor hout, bestand tegen de nadelige invloed van water, bestaande uit meer dan 3 lagen zeer dunne planken die hecht op elkaar gelijmd zijn.
Waterproductiecentrum / waterwinning:
is een plaats waar Pidpa grondwater oppompt en zuivert tot drinkbaar water. Momenteel beschikt Pidpa over 25 operationele grondwaterproductiecentra.
- is het niveau waar de scheiding ligt tussen water en gas in een onderaards aardgasreservoir.
- zijn grondlagen waaruit men water kan oppompen.
- Korf aan het uiteinde van de zuigleiding, die dient om grove onreinheden op te vangen.
- is een intergemeentelijke organisatie voor het beheer van nutsbedrijven (water, elektriciteit,…)
zonder privé-aandeelhouders
© Pidpa | Contacteer ons | Wettelijke vermeldingen | Privacybeleid | webmaster@pidpa.be | Sitemap
